Douwtrapchallenge

Binnen onze roeivereniging aan de Vliet kun je het roeien op alle denkbare manieren beoefenen. Je kunt recreatief roeien, toerroeien en wedstrijdroeien op onze binnenwateren en zelfs coastal roeien op zee. In coronatijd is de populariteit van de roeisport enorm toegenomen. Het is een gezonde vorm van lichaamsbeweging die veilig in de buitenlucht wordt uitgeoefend. Helaas zijn er enkele beperkingen aan de roeisport opgelegd. Zo mogen er nog geen toertochten en wedstrijden plaatsvinden. Om dat gemis te compenseren hebben enkele slimmeriken de ‘Virtuele Challenge’ bedacht. Er wordt vooraf een traject aangemaakt in Strava en daarna wordt er een tijdstip afgesproken en startvolgorde voor de challenge. De roeiers zorgen zelf voor de tijdregistratie op basis van een app op hun mobiel, sporthorloge of speedcoach. Na afloop synchroniseren zij die naar de Strava app, die automatisch het klassement opmaakt. De resultaten worden ook gedeeld met de leden van de Challenge Whatsapp groep.

Begin dit jaar roeiden we de afstanden als challenge die gangbaar zijn voor lange afstandswedstrijden, tussen de 4 en 5 km. Daarna volgden challenges op de Vliet ter vervanging van de wedstrijden die normaal in maart op de Amstel worden gehouden: de Heineken vierkamp en de Head of the River. Vervolgens kon de ultieme challenge natuurlijk niet uitblijven: zo snel mogelijk roeiend 20 km afleggen. De lengte werd uiteindelijk ingekort tot 19 km, omdat een langere afstand niet veilig kon worden uitgezet tussen de bruggen op de Vliet. In Strava werd een segment aangemaakt met start vanaf de Blauwe brug in Voorschoten, keerpunten voor de Leidse spoorbrug en molen in Leidschendam met finish vlak voor de vereniging. De starttijd werd bepaald op 6.30 uur om belemmerend scheepvaartverkeer te vermijden.

In de vroege ochtend van 2 mei was het dan zover. De eerste challenge bestond uit midden in de nacht opstaan, omkleden en in het donker naar de vereniging afreizen. De tweede challenge was het roeien van een ongebruikelijk lange wedstrijdafstand. Het is misschien wel goed te vergelijken met het lopen van een marathon. De afstand is te lang om te oefenen in een training, maar tijdens de wedstrijd moet je de eindstreep zien te halen zonder tussentijds in te storten. Als deelnemer in de tweezonder stuurman hebben we twee strategieën overwogen: hard starten, afstand nemen van minder snel geachte boten achter ons en daarna consolideren of rustig starten en de winst in het tweede deel pakken door aan het eind te versnellen. Wij verkozen de tweede optie.

Onze challenge ging kort na vertrek van het vlot van start. De mooie zonsopkomst konden wij helaas niet waarnemen, maar onze boordcamera gelukkig wel. Wij moesten ons concentreren op ritmisch roeien in een tempo van 29 slagen per minuut en vooral geen onnodige krachten verspillen. Bij het keren bij de spoorbrug hadden we al tijd gewonnen op de boten die na ons waren gestart. Bij het rondmaken verloren we weer een deel van onze voorsprong. Bij de Lammebrug verloren we ook de nodige tijd. Ik dacht dat we netjes door het bruggat waren gevaren zonder de riemen in te hoeven trekken, totdat ik plotseling “houden, houden” achter mij hoorde. We hadden het remmingwerk van de brug weten te ontwijken, maar voeren aan de andere kant tegen de wal. Bij het passeren van de vereniging hoorden we het zoemend geluid van een drone. Daarna volgde een lang stuk roeien richting de Salamandermolen in Leidschendam.

Na het rondmaken bij de molen lasten we een korte stop in om bij te tanken. Daarna zetten wij koers richting vereniging. Bij elke haal kwamen wij dichter bij de finish. Af en toe fietste er iemand met ons mee. Aan het eind hadden wij nog wat energie over om aan te zetten voor onze laatste kilometer. Daarna konden we uitdrijven naar het vlot van de vereniging. Even voor acht uur was onze challenge voltooid. Een voor een arriveerden ook de andere deelnemers. Gezellig napraten bij de koffie na afloop is in verband met corona helaas nog niet toegestaan, maar in de appgroep worden ervaringen en beelden gedeeld en brandt de discussie los over een volgende challenge.

Drone opnames: Mignon Goossens

Grenzen van fatsoen

Overheidsklanten uitnodigen voor een golftoernooi of een nieuwjaarsconcert om te kunnen netwerken was twintig jaar geleden nog heel normaal. Het hoorde tot het standaardrepertoire relatiemanagement van ICT-bedrijven. Relaties lieten zich maar al te graag verwennen. In amper tien jaar tijd is die houding omgeslagen. We vinden het nu niet integer en beoordelen de uitjes als ‘smeren en fêteren’. Wellicht wordt het in de toekomst zelfs gezien als een vorm van omkoping en strafbaar gesteld. Het is duidelijk dat normen verschuiven in de tijd.

Bij alles wat we doen moeten we ons realiseren dat daar jaren later over geoordeeld kan worden op basis van de dan geldende normen. Dat overkwam ICT-bedrijf Ordina in 2014. Via een klokkenluider kreeg het tv-programma Zembla een USB-stick met de mailbox van een voormalig salesmanager van Ordina in handen. Zembla analyseerde duizenden vertrouwelijke e-mails en bestanden uit de periode tussen 2005 en 2010 op belastend materiaal die zou duiden op het schenden van het mededingingsrecht. Deskundigen velden in het programma een spijkerhard oordeel: “Dit kan het daglicht niet verdragen, dat is zonneklaar”. Gesteund door commentariërende hoogleraren sprak Zembla van structurele fraude en zelfs van een mogelijke nieuwe bouwfraude.

De Zembla uitzendingen zorgden voor forse reputatieschade voor de gehele ICT-sector. De relatie tussen de overheid en ICT-bedrijven raakte verstoord en de koers van het aandeel Ordina ging hard onderuit. Van strafbare feiten is achteraf weinig gebleken. De gepubliceerde e-mails bevatten opportunistische grootspraak van een salesmanager die alles uit de kast haalt om een opdracht te winnen. De meeste e-mails die in de uitzending werden getoond zeggen meer over de drijfveren van de verkoper in kwestie dan over belastende feiten die Zembla probeerde te achterhalen. De nu geldende grenzen van fatsoenlijk zakendoen lijken wel te zijn overschreden. Zo bleek er vertrouwelijke informatie te zijn gedeeld en was er sprake van informeel contact tussen medewerkers van Ordina en opdrachtgevers.

Voor integer zakendoen zou je jezelf kunnen verplaatsen in een glazen huis. Je kunt overal naar buiten kijken, maar omgekeerd kan iedereen ook naar binnen kijken. In een afgesloten omgeving is verleiding groot om de grenzen op te zoeken en bij daarna bij succes de foute kant op te schuiven, met alle risico’s van dien. Zelfs voor zaken, die strikt vertrouwelijk of goed verborgen zijn, geldt: vroeg of laat kan het uitkomen en openbaar worden. Actuele ontwikkelingen laten nu zien dat de behoefte aan meer transparantie en openheid groeit. Dat geldt niet alleen voor politici, maar ook voor ambtenaren en ondernemers.

Integriteitskwesties rond bestuurders, ambtenaren of politici komen regelmatig aan het licht. Soms gaat het om strafbare feiten zoals fraude, zelfverrijking of schending van geheimhouding. Vaker nog zit het in het grijze gebied op de grens van het fatsoen. Het is de schemerzone waarin iedereen af en toe in verzeild raakt. Hoe ga je dan om met de verleiding? Waar trek je de grens van het fatsoen en hoe waak je ervoor dat je verder afglijdt? Je kunt dit toetsen op basis van 25 praktijkcases in deze enquête. Werk je bij de overheid, een ICT-bedrijf of ben je ZZP’er, dan stel ik het prijs als je de enquête invult. Er zijn geen goede of foute antwoorden. Neem het beeld van het glazen huis als uitgangspunt: kun je de keuzes in het openbaar verantwoorden? Zes jaar geleden werd de enquête voor het eerst naar aanleiding van de Zembla-uitzending vanuit iBestuur gehouden. Zijn onze normen in afgelopen jaren verschoven? Over een maand rapporteer ik de resultaten.

Brug tussen beleid en balie

Klem tussen balie en beleid

Eindrapport van het parlementaire onderzoek naar de oorzaken van problemen bij uitvoeringsorganisaties ‘Klem tussen balie en beleid’ (zie Eindrapport Tweede Kamer). Wanneer gaat de uitvoering van overheidsbeleid goed en wanneer gaat het zodanig mis dat burgers klem komen te zitten? Wat moet er gebeuren om uitvoerbaar beleid tot stand te brengen met oog voor de menselijke maat?

Onze overheid heeft geen sterke reputatie als het gaat om het invoeren van nieuw beleid. Een ministerie bedenkt de plannen. De politiek drukt de plannen door. En de uitvoeringsorganisatie wordt vervolgens geconfronteerd met een onmogelijke opdracht en onrealistische deadlines. Doordat de politiek en de uitvoering weinig interesse voor elkaar hebben, wordt voorgenomen beleid nauwelijks getoetst op uitvoerbaarheid. Burgers zitten daardoor – volgens de Tijdelijke Commissie Uitvoeringsorganisaties – geregeld ‘klem tussen balie en beleid’ en worden vermalen in de machinerie van de overheidsbureaucratie.

Het doet denken aan de film Modern Times uit 1936, een satire op de voortschrijdende industrialisatie in het begin van de twintigste eeuw. We zien arbeiders, bewaakt door camera’s en beeldschermen, monstrueuze machines bedienen. Een van hen is Charlie Chaplin, een zwerver. Hij werkt aan een lopende band en draait voortdurend bouten en moeren aan. Tussen alle slaafse wezens die de fabriek bevolken weet hij als enige zijn menselijkheid te bewaren. De industrialisatie werkte dehumanisering in de hand. Arbeiders werkten onder miserabele omstandigheden aan de lopende band en verloren binding met het eindproduct. 

Onderwerping aan systemen
De vervreemding van arbeiders na de industriële revolutie toont gelijkenis met onze huidige onderwerping aan de systemen. De moderne mens is verworden tot systeemslaaf, van wie het gedrag in toenemende mate kan worden gemanipuleerd. Door middel van data tracking en profiling wordt gebruik gemaakt van persoonlijke informatie die als basis wordt gebruikt voor controle van mensen.

De Duitse filosoof Jürgen Habermas maakte een onderscheid tussen de ‘systeemwereld’ en ‘leefwereld’. De systeemwereld is alles wat mensen ontwikkeld hebben aan instellingen en structuren voor regulering op gebieden van onder andere economie, politiek, onderwijs, wetenschap, overheid, gezondheidszorg, verzorgingsstaat en rechtspraak. De leefwereld is het privédomein, waarin de mensen met elkaar omgaan buiten de systemen.

Structuur in processen
In het verleden bestond een samenleving bijna helemaal uit ‘leefwereld’, maar in de moderne tijd is een steeds groter deel ‘systeemwereld’ geworden. De systeemwereld dijt uit en lijkt steeds verder af te drijven van de leefomgeving van mensen. De systeemwereld houdt te weinig rekening met individuele behoeften van mensen. Mensen herkennen zich niet in de abstracte systeemwereld en begrijpen die wereld niet. De systeemwereld begrijpt zichzelf vaak ook niet. Het is een ongelijksoortige verzameling van systemen en subsystemen. Die zijn vaak een doel op zich en werken niet altijd even goed samen. In onze moderne tijden verschuift het zwaartepunt in de richting van de systeemwereld. Mensen en belangengroeperingen verzetten zich in toenemende mate tegen onbegrijpelijke regels, systemen en procedures waarbij het uiteindelijke doel soms helemaal uit het oog is verloren.

De systeemwereld en de leefwereld moeten meer in balans komen. De overheid zou structuur moeten aanbrengen in haar administratieve processen tussen beide werelden. Het gaat nu mis bij de overdracht van beleid naar uitvoering en van uitvoering naar het publiek. Deze problemen kunnen worden voorkomen door de disciplines in een vroegtijdig stadium bij elkaar te brengen voor het uitvoeren van een integrale impactanalyse van voorgenomen wetgeving. Dit bevordert ook de kwaliteit van besluitvorming. Kamerleden beoordelen dan ook de uitvoeringsplannen en -consequenties en burgers krijgen beter inzicht in persoonlijke consequenties.

Lekken dichten

Laat jij je op Corona testen als je het risico loopt dat jouw persoonlijke en medische gegevens kunnen worden verhandeld? Die vraag stelde ik in mijn Twitter netwerk. Ja, zegt 48 procent. Die groep is bereid het risico te nemen. Daar staat een afwijzende meerderheid van 52 procent tegenover die eerst zekerheid wil hebben. Het datalek bij de GGD heeft overduidelijk het vertrouwen geschaad. Dat vraagt om structurele maatregelen om het vertrouwen te herwinnen.

Al bij de start van de eerste golf was duidelijk dat de GGD’en onvoldoende zijn toegerust om het coronavirus te bestrijden. Dat komt door ons gedecentraliseerde zorgstelsel. De 25 regionale GGD’en zorgen in opdracht van de gemeenten voor het voorkomen dat infectieziekten zich verspreiden door middel van vaccinaties en bron- en contactopsporingen. Echter, het ging hierbij tot voor kort om ziektes die zich in beperkte schaal verspreiden, zoals kinkhoest, hepatitis, legionella en tuberculose, en die veelal regionaal bestreden kunnen worden. De coronapandemie is van een geheel andere orde.

Het zorgveld is verkokerd, het systeemlandschap verouderd en versnipperd. Dit belemmert de slagvaardigheid die essentieel is in crisistijd. Om snel te kunnen reageren moeten organisaties wendbaarder worden.

De GGD’en hebben in recordtijd moeten opschalen om het grote aantal besmette personen tijdig te contacteren en het bron- en contactonderzoek uit te voeren. Er wordt gebruikt gemaakt van interne GGD medewerkers en van een flexibele externe schil van duizenden mensen. De huidige systemen zijn alleen niet berekend op deze schaal en de volumes die daarbij horen. Belangrijke knelpunten zijn  daarbij het handmatig aanmaken van BCO’s, het ontbreken van functionaliteit van werkverdeling en het monitoren daarvan. Werk wordt handmatig verdeeld door middel van flip-overs voor interne medewerkers en via online tools, zoals Trello, voor externe medewerkers. Om overzicht te houden op het onderhanden werk worden ook flip-overs gebruikt. Dit is foutgevoelig en kost veel tijd en leidt tot vertraging in het beschikbaar stellen van werk. Het is ook een uitdaging om alle medewerkers, waaronder tijdelijke krachten en veel nieuwe mensen, het werk op dezelfde uniforme wijze te laten uitvoeren.

Een gezamenlijke aanpak van de automatisering en informatiebeveiliging was lange tijd geen prioriteit van de GGD’en. Veelal werd doorgeborduurd op de bestaande decentrale systemen. Zo werd een twintig jaar oud systeem HPZone tijdens de eerste en tweede golf ingezet voor het uitvoeren van het bron- en contactonderzoek. In plaats van een handjevol gespecialiseerde artsen gingen duizenden mensen met het systeem werken, terwijl bekend was dat het systeem niet geschikt is voor grootschalig en intensief gebruik. HPZone bevat bovendien veel vrijheden in gebruik en ruime toegankelijkheid tot gegevens, waaronder een print- en exportfunctie. Kwaadwillende medewerkers hebben daar misbruik van gemaakt, zonder dat dit door de organisatie werd opgemerkt. Bij de ontwikkeling van de CoronaMelder app stond privacy voorop. Onder geen beding mochten persoonlijke gegevens worden gedeeld. De voordeur is dichtgemetseld, maar via een open achterdeur lekten persoonlijke gegevens naar criminelen.

Het zorgveld is verkokerd, het systeemlandschap verouderd en versnipperd. Dit belemmert de slagvaardigheid die essentieel is in crisistijd. Om snel te kunnen reageren moeten organisaties wendbaarder worden. Dit vraagt om een andere manier van organiseren en onderlinge samenwerking gebruikmakend van intelligente automatisering. Digitalisering draagt bij aan een wendbare organisatie waarin de mens gedurende de gehele klantreis centraal staat. Vrijwel alle handmatige stappen kunnen worden geëlimineerd en de efficiëntie verhoogd door de vertraging in het beschikbaar stellen van werk weg te nemen en de werkvoorraad en de voortgang daarop inzichtelijk te maken. Mensen krijgen inzicht in de afhandeling van hun zaken en regie over eigen persoonlijke gegevens, met waarborgen voor veiligheid en privacy. Dit kan alleen als er werk wordt gemaakt van een gemeenschappelijke digitale infrastructuur, zoals bijvoorbeeld hieronder gepresenteerd.

Het voorstel lag er tijdens de eerste coronagolf. De oplossing had in de tweede golf operationeel kunnen zijn. Laten we stoppen met alleen dichten van lekken en doorpakken.

Gehackt

Het is oorlog maar niemand die het ziet. Dat is de titel van het boek van onderzoeksjournalist Huib Modderkolk over de schaduwkanten van het internet en voortschrijdende digitalisering. Het boek geeft een inkijk in operaties van veiligheidsdiensten, die veelal via digitale kwetsbaarheden infiltreren in netwerken van overheden en bedrijven. De verhalen zijn spannend en toegankelijk beschreven. Vertellingen over hackers en cybercriminelen geven internetcriminaliteit een gezicht.

Ik werd geraakt door het verhaal van hacker Edwin Robbe uit Rotterdam. Als zeventienjarige lukt het Edwin om diep door te dringen in het netwerk van KPN. Hij pronkt daarmee in hackerskringen en loopt uiteindelijk tegen de lamp. De politie komt hem op het spoor en betrapt Edwin op heterdaad achter zijn computer. De ouders zijn tot dan toe nog onwetend van de werkelijke computeractiviteiten van hun zoon en worden volledig verrast door zijn arrestatie in hun huis. ‘Waar de computer voor zijn ouders puur een gebruiksartikel is, is het voor Edwin de toegangspoort naar avontuur, begrip en vooral erkenning’, schrijft Modderkolk. Voor ouders van computerverslaafde jeugd is het verhaal van de jonge hacker een waarschuwing.

Edwin Robbe had geen kwade bedoelingen en betaalde toch een hoge prijs voor zijn avontuur in de digitale wereld. Echte cybercriminelen opereren vanuit het buitenland en zijn ongrijpbaar. Afgelopen jaar wisten ze toe te slaan bij een toenemend aantal bedrijven en overheidsinstellingen. Door het massale thuiswerken verschoof de aandacht van cybercriminelen naar thuiswerkomgevingen. Via phishingmails of door gebruik te maken van kwetsbaarheden in de IT-systemen proberen ze de inloggegevens van medewerkers te stelen om zichzelf toegang tot het bedrijfsnetwerk te verschaffen. Daarna zetten ze gijzelsoftware in die bestanden en systemen versleutelt en beloven deze vrij te geven als het slachtoffer een bedrag overmaakt.

Organisaties moeten hun medewerkers digitaal weerbaar maken. Door het testen van klikgedrag en training worden medewerkers geleerd de gevaren via mail en sociale media te herkennen. Regelmatig ontvang ik gesimuleerde phishingmail in mijn mailbox. Die moet ik vervolgens rapporteren als phishingmail, waarna ik een berichtje ontvang met een bedankje voor mijn alertheid. Meestal zie je alleen aan het emailadres al dat het bericht niet deugt, maar toch ging ik laatst in de fout. Ik wilde me aanmelden voor een Zoom-vergadering. Normaal ontvang ik direct daarna een bevestiging per mail dat ik ben toegelaten. Dit keer lukt het aanmelden niet, maar ik ontving wel een mail met de ‘correcte’ link. Ik klikte daarop en bleek gezakt voor de phishingtest. Binnen een week moest ik een training inhalen over spearphishing. Dit is een aanval gericht op een persoon, waarbij gebruik wordt gemaakt van gerichte en persoonlijke informatie. Spearphishing is veel effectiever is dan een grootschalige phishingaanval. Naar schatting openen slachtoffers 30 procent van de spearphishingmails, vergeleken met minder dan 3 procent van de gebruikelijke phishingmails.

Cybercriminelen gaan steeds gerichter te werk. Zij onderzoeken hun doelwit en sturen dan bijvoorbeeld namens een collega een mail met een kwaadaardige link of bestand. In toenemende mate worden we niet direct door cybercriminelen geraakt, maar via onze leveranciers. Afgelopen zomer ging de Garmin-dienst Connect meerdere dagen offline, als gevolg van serveronderhoud volgens de sporthorlogemaker. Later werd bekend dat het bedrijf was getroffen door een digitale gijzeling en 10 miljoen dollar had betaald om de gijzeling te beëindigen. Het is niet duidelijk of cybercriminelen daarbij ook gebruikersgegevens hebben gestolen. Via website haveibeenpwned kun je eenvoudig controleren of jouw gegevens zijn gelekt. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om datalekken bij Adobe (153 miljoen accountgegevens) in oktober 2013, LinkedIn (164 miljoen e-mailadressen en wachtwoorden) in mei 2016 en MyFitnessPal (144 miljoen e-mailadressen en wachtwoorden) in februari 2018. Het is dus essentieel om voor iedere onlinedienst een uniek en sterk wachtwoord te gebruiken.

‘In 2018 werden volgens beveiligingsbedrijf Symantec 3,3 miljoen Nederlanders slachtoffer van cybercriminaliteit. De zwakke plekken waar criminelen toeslaan, ontstaan vaak door gemakzucht.’ concludeert Modderkolk in zijn boek.

Zon als inspiratiebron

De laatste zonsopkomst is rond 8.50 uur en valt op de laatste dag van dit jaar. De vroegste zonsondergang was 13 december omstreeks 16.30 uur. De kortste dag van het  jaar valt daar middenin, op 21 december. De zon is die dag slechts 7 uur en 40 minuten boven de horizon. In december zijn de zonnige perioden dan ook nog schaars. In de ochtend is het vaak mistig en overdag overwegend bewolkt. In de donkere dagen voor Kerst schijnt de zon gemiddeld anderhalf uur per dag.

Veel daglicht zag ik niet in de laatste maanden van dit jaar. Door de lockdown moest ik verplicht thuis werken. Mijn trainingen draaide ik in de garage op fiets- en roeitrainer. Tussen alle zoomvergaderingen door ging ik af en toe wandelen om toch nog wat te ontspannen in de buitenlucht. Ik miste de roeitrainingen in ploegverband, maar werd gelukkig verblijd met het bericht dat met ingang van 1 december boordroeien in de twee- en vierzonder onder voorwaarden weer werd toegestaan.

Uiteraard pakten wij gelijk weer ons gebruikelijke ritme van vier roeitrainingen per week op. Na de eerste training lagen mijn handen helemaal open. “Doen jullie ook mee aan de challenge?” werd mij bij terugkomst gevraagd. Ik keek naar mijn bebloede handen en schudde van nee. Anderhalve maand niet geroeid en dan na een week meteen vier kilometer in wedstrijdtempo varen? Dat is natuurlijk gekkenwerk. Een paar dagen later dacht ik daar toch weer anders over. Mijn handen deden inmiddels minder pijn en weersvooruitzichten waren goed. Dan kon ik onze tijdrace ook mooi op video vastleggen.

De ochtend van de challenge vertrokken we in ochtendschemer. Het water was spiegelglad met optrekkende ochtendnevel. Langzaam kleurde de horizon geel en rood. We zagen het zachte licht weerkaatsen in het water met langgerekte schaduwen van de golven. Bij het rondmaken was een groot deel van de wolkenpartij fel oranje en goudgeel gekleurd, een beeld dat lang zichtbaar bleef tijdens de race. Het roeien zelf was nog onwennig, schokkerig en instabiel. In het tweede deel ging het tempo omhoog en nam de snelheid toe, maar het belangrijkste wat telt is dat we terug kunnen kijken op een prachtige roeiochtend.

Na het langdurige thuiszitten voelt iedere roeiactiviteit op het water als een feest. Hoogtepunten zijn de zonsopkomst en -ondergang wanneer de zon laag aan de hemel staat. Daardoor gaat het licht over een langere afstand door de atmosfeer. Het blauwe licht wordt meer verstrooid, waardoor het rode licht relatief meer aanwezig is. Het licht is warm, met lange schaduwen en weerkaatsing in het water. Je kunt in de richting van de zon kijken zonder met je ogen te knijpen. Het zijn prachtige fotomomenten en elke dag weer net iets verschillend. Mijn ploeggenoten kennen mijn fascinatie en laten zonder morren lopen om mij de gelegenheid te geven het prachtige spel van licht, lucht en water te fotograferen.

De zon schenkt elke dag twee cadeautjes: één bij zonsopgang en één bij zonsondergang. Het aan ons om die cadeautjes ook daadwerkelijk uit te pakken. [Bron: Tom Kok]

Ik wens eenieder intieme feestdagen en een gezond 2021!

Wil je klant of product zijn?

Ben jij bereid 1 euro per maand te betalen voor een reclamevrije en privacyvriendelijke sociale media app? Die vraag stelde ik in mijn Twitter netwerk. Ja, zegt 69 procent van de respondenten, terwijl 5 procent zegt het te overwegen. Slechts 26 procent geeft aan niet te willen betalen voor hun privacy.

De zorgen over privacy bij sociale media gebruikers worden onder meer gevoed door het Cambridge Analytica-schandaal, de Netflix films ‘The Great Hack’ en ‘The Social Dillema’ en de ‘Bye, Bye Facebook’ actie van Arjen Lubach. Vorig jaar hadden Facebook en Twitter een kleine dip in het gebruik, maar die is dit jaar weer helemaal goedgemaakt. Het gebruik van sociale media in ons land is nog altijd onveranderlijk hoog. Uit onderzoek van Marketingfacts blijkt dat maar liefst 96 procent van de Nederlanders er gebruik van maakt. De populairste app is Whatsapp met meer dan 12 miljoen gebruikers, gevolgd door Facebook met ruim 10 miljoen gebruikers. Snelle stijgers zijn dit jaar YouTube met 9 miljoen gebruikers (+ 5% procent) en Instagram met 5,6 miljoen gebruikers (+ 14% procent).

Ondanks verschillende privacyschandalen groeit het Facebookbedrijf flink door. De beurskoers is sinds maart van dit jaar verdubbeld. Volgens Facebook heeft het wereldwijd 2,99 miljard actieve gebruikers. Dat zijn mensen die minimaal één keer per maand inloggen op een dienst van het bedrijf. Dit betreft naast het Facebook platform ook Messenger, Instagram en WhatsApp. Het aantal gebruikers steeg met 300 miljoen in één jaar. Het sociale netwerk Facebook blijft met 2,6 miljard actieve gebruikers het meest populair.

Volgens de cijfers over het eerste kwartaal verdient het Facebookbedrijf gemiddeld per gebruiker per maand 1,94 euro. Dat is een stijging van ruim 8 procent ten opzichte van hetzelfde kwartaal van vorig jaar. De inkomsten bestaan vrijwel volledig uit gerichte advertenties op basis van gebruikersgegevens. De data die gebruikers weggegeven vormen de basis voor de verdiensten van Facebook. Dit betreft behalve het profiel en de berichten op het platform zelf, ook de likes, contacten, foto’s, chats, video’s, clicks en surfgedrag. Het gebruik van Facebook lijkt dan misschien gratis, gebruikers betalen met kostbare persoonlijke data. ‘Als je niet betaalt voor het product, dan ben jij het product’ aldus de bekentenis van een oud-topman uit de techindustrie.

In zijn boek ‘Tien argumenten om je sociale media-accounts nu meteen te verwijderen’ stelt Silicon Valley-pionier Jaron Lanier dat een leven zonder sociale media ons gelukkiger maakt. Platforms zoals Twitter en Facebook maken hun gebruikers dommer, egoïstischer en minder empathisch. Ze geven ons het idee meer ‘verbonden’ te zijn, terwijl we in werkelijkheid van andere mensen vervreemd raken. We denken zelf te kunnen kiezen, maar worden voortdurend bestookt met gerichte advertenties en zijn weerloos tegenover algoritmen van de techbedrijven, die verdienen aan manipulatie van hun gebruikers. In plaats van ‘verbonden zijn’ kunnen we daarom beter spreken over ‘verslaving’ en ‘gedragsmodificatie’. Een alternatief is er niet, houdt Lanier ons voor. Er helemaal uitstappen is de enige optie voor verandering.

De meeste mensen zijn zich bewust van het morele falen van de techbedrijven, zoals Facebook. Dat is alleen niet voldoende om het Facebook platform vaarwel te zeggen. Dat komt door de monopolie van de techbedrijven. De platforms spelen een cruciale rol in de communicatie tussen mensen in de publieke- en zakenwereld. Er is geen enkele mogelijkheid over te stappen naar een ander platform. Het gebrek aan een alternatief houdt ons gevangen. Vijf jaar geleden verwijderde ik mijn Facebook account. In het begin moet je even doorzetten, want je komt er al snel achter dat veel mensen en organisaties in jouw netwerk exclusief Facebook gebruiken voor hun communicatie. Binnen een paar maanden was ik volledig  afgekickt. Afgelopen jaren schakelde ik steeds meer over op betaalde en privacyvriendelijke alternatieven, zie hieronder.

AppAlternatiefPrijs per maand
WhatsappSignalGratis
FacebookGeen 
YouTubeVimeoVanaf €6
Instagram500pxVanaf €2
LinkedInGeen 
TwitterGeen 
Google.comDuckDuckGoGratis
Google ChromeMozilla Firefox, incl. Facebook ContainerGratis

Digitale cocaïne

Lange tijd was ik een intensief gebruiker van sociale media en swipte herhaaldelijk van app naar app om vervolgens door de eindeloze tijdlijn van zinloze berichten, advertenties en plaatjes te scrollen. Twee weken terug verwijderde ik sociale media apps van mijn mobiele telefoon. Sindsdien heb ik niet de indruk dat ik iets mis en lijkt het erop dat ik definitief ben afgekickt.

Toen ik mij twaalf jaar geleden als één van de voorlopers aanmeldde als gebruiker van Twitter was ik nog optimistisch. Voortaan zou iedereen zonder tussenkomst van een professionele redactie kunnen publiceren en via het internet weblogs, muziek, films, foto’s, locaties en nieuws kunnen delen. Sociale media speelden tien jaar geleden ook een belangrijke rol in de nieuwsvoorziening over de protesten en revoluties in de Arabische wereld. Consumenten kregen dankzij de nieuwe media een stem. De communicatie binnen onze familie werd versterkt dankzij Hyves en Facebook. Ik was er ook van overtuigd dat sociale media het mobiliserende en organiserende vermogen van burgers en maatschappelijke organisaties in de netwerksamenleving zou kunnen vergroten.

Mijn sociale netwerk groeide in de eerste jaren tot boven de elfduizend volgers. In de beginjaren van de sociale media leek de toekomst van de nieuwe media veelbelovend. Het draaide allemaal om sociale interactie tussen mensen en het delen van kennis. Het delen, bundelen en combineren van kennis levert immers meer toegevoegde waarde dan het beschermen van het eigen kennismonopolie. De toon van de berichten waren over het algemeen positief en de bemoeienis van het platform beperkt. Dat veranderde naar mate platformbedrijven aan hun verdienmodel gingen sleutelen. De algoritmen bepaalden voortaan welke berichten je te zien kreeg. De vorm van de berichten veranderde en gepersonaliseerde advertenties vulden de tijdlijn. Gaandeweg werden ook de berichten negatiever van toon en het gedrag van gebruikers asocialer. Vier jaar geleden plaatste ik voor de Sint-intocht het volgende bericht: “Een ongestoord kinderfeest lijkt mij belangrijker dan het demonstratierecht van antipieten.” Ik ben toen geschrokken van het grote aantal agressieve reacties op mijn bericht.

De laatste jaren was ik al geen actieve gebruiker meer van sociale media. De Netflix film ‘The Social Dilemma’ gaf mij het laatste zetje om uit mijn digitale bubbel te stappen. In de film luiden oud-medewerkers van de platformbedrijven de noodklok. Wat zij vertellen was veelal al bekend: sociale media zijn verslavend, slecht voor de gezondheid, schaden de privacy en vormen een gevaar voor de democratie. Nieuw is wel de openbare spijtbetuiging van de mannen uit Silicon Valley die met de sociale media maar één doel hadden. Alles draait om het verslaafd maken en beïnvloeden van gedrag van gebruikers om daar met de verkoop van advertenties zoveel mogelijk aan te verdienen. If you’re not paying for the product, you are the product. “Ik wil dat mensen weten dat alles wat ze online doen, wordt bekeken, gevolgd en gemeten” waarschuwt een voormalig Twitter-manager in de film.  De hoofdrolspeler in de film zegt over de invloed van de ontwerpers van sociale media: “Er zijn maar twee bedrijfstakken die hun klanten ‘gebruikers’ noemen: drugs en software.”

The Social Dilemma vertelt ook het verhaal van een telefoonverslaafd gezin. Dochter Cass wordt depressief vanwege negatieve reacties van volgers en zoon Ben raakt in de ban van complottheorieën. Op de achtergrond zien we hoe de mannen van een techbedrijf gebruikers als marionetten bespelen en continu aanzetten om te klikken, swipen en liken. Het zijn scenes die doen aan Black Mirror. In de echte Black Mirror serie gaat de aflevering ‘Smithereens’ ook over telefoonverslaving en de grote hoeveelheid van persoonlijke informatie die techbedrijven in bezit hebben. Smithereens is een echte aanrader, alleen al vanwege de spannende scenes met onverwachte wendingen en bovenal dankzij het ijzersterke acteerwerk van Andrew Scott als hoofdpersoon in de aflevering.

Zelf ben ik nu verlost van likes en retweets. Ook schakelde ik alle meldingen uit op mijn mobiel. Dat geeft al heel veel rust. Afgelopen jaren ben ik steeds meer overgestapt op betaalde apps voor nieuws, weblogs, video’s en foto’s. Ook doneer ik aan open source initiatieven, zoals Wikipedia. Daarmee ben ik nog niet geheel van mijn telefoonverslaving af. Sociale media maakte op mijn mobiel plaats voor sport apps, zoals Strava en Zwift. De likes zijn nu vervangen door Kudos en Ride On’s, maar het is gelukkig een gezonde verslaving en net zo sociaal als in de beginjaren van de sociale media.

Metamorfose

In de herfst kun je vanaf het water genieten van prachtige zonsondergangen. Zodra de zon ondergaat gebeurt er iets magisch met de lucht. Het licht wordt zachter en er komen prachtige pastelkleuren tevoorschijn. De hemel krijgt een warme, gelige tot roodachtige gloed, die prachtig weerkaatst in het water. Het gouden uur waarin het spectrum van kleuren verandert is het mooiste moment voor onze roeitraining in de ongestuurde twee op de Vliet tussen Leiden en Leidschendam.

Roeiers bewegen hun boot in achterwaartse richting. Het zicht is tegengesteld aan de vaarrichting. Je ziet het water snel langs de boot stromen, de kolken passeren bij iedere haal en het landschap trekt voorbij. De lucht verandert geleidelijk met een prachtig spel van zon en wolken. Het is een fascinerend continu veranderend uitzicht op lucht en landschap, die weerspiegelen in het water en op de boot. Vanuit mijn perspectief als roeier maakte ik onderstaande video’s van onze trainingen in de week waarin de tweede corona-lockdown inging.

De meeste trainingen varen we richting Leidschendam. We kunnen dat traject wel dromen met herkenningspunten op de wal, voorzien van de namen Baileybrug, Hoge Bruggetje, Knipmolen (zie foto), Verse Eieren en Huis van Jan. Het samenspel van lucht, water en land verveelt nooit. Dit keer hangen er donkere wolken boven de Vliet. Het landschap oogt als een zwart-wit film. Alleen het rode Y-teken op een oplichtende achtersteven toont kleur. Ter hoogte van het Huis van Jan klaart het op en komt er kleur in het landschap.

Bij aankomst in Leidschendam passeren we houtzaagmolen de Salamander. De molen werd in 1777 gebouwd en is nog altijd vol in bedrijf. We ronden ter hoogte van de Petrus en Paulus kerk. De ondergaande zon omlijst het oude centrum van Leidschendam aan de schutsluis, die het verschil in waterpeil tussen Rijnland en Delfland overbrugt. Op de terugweg naar de roeivereniging gaat de zon langzaam onder. Na de Knip treedt de schemer in.

Twee dagen later varen we richting Leiden. Dit traject van de Vliet is vanwege bebouwing beschut tegen wind, maar je moet altijd op je hoede zijn voor tegenliggers bij de bruggen en voor beroepsvaart. De bruggen vormen referentiepunten, met achtereenvolgens de Blauwe Brug, Lammebrug, Spoorbrug, Julius Ceasarbrug en Wilheminabrug. Na het passeren van de Ceasarbrug zien we de brug opengaan. Dat is een teken dat een vrachtschip ons tegemoet vaart. We ronden bij de Leidse Watertoren. Dit imposante rijksmonument met een skelet van gewapend beton werd in 1908 gebouwd om de Leidse bevolking van water te voorzien. Tegenwoordig wordt de toren gebruikt als woning.

Op de terugweg zien we de Ceasarbrug opnieuw opengaan, maar we wachten vergeefs op een tegemoetkomend schip. De brug lijkt speciaal voor ons te zijn geopend, want de brug sluit weer als we passeren. Bij de Lammebrug wacht de binnenvaarder die ons op de heenweg kruiste op een tegemoet varend ongeladen vrachtschip. Op het smalle water kunnen we de binnenvaarder daarna niet meer inhalen, maar gelukkig slaat die het vaarwater van de Korte Vliet in en kunnen we aanzetten. Voorbij restaurant Allemansgeest treedt plots de duisternis in. De hemel kleurt fel blauw. Straatverlichting weerkaatst op het water en de boot.

Een paar uur na die training gingen de maatregelen van de lockdown in. Ploegroeien is voorlopig niet toegestaan. Roeitrainingen in de boot moeten we inruilen voor workouts op de roeimachine in de kelder. Gelukkig hebben we dan nog de video’s die we tijdens het thuisroeien kunnen afspelen om ons de illusie te geven dat we op de Vliet roeien.