Beleidsvakantie

De wedstrijd die je niet speelt kun je in ieder geval niet verliezen. Zo heb ook dit nadeel zijn voordeel. Dat moet zo ongeveer de overweging zijn bij veel adviezen van het Bureau ICT Toetsing (BIT). Want het BIT verstrekt – vermoedelijk gedreven door ICT-faalangst – voornamelijk risicomijdende adviezen.

Twee jaar geleden baarde het BIT veel opzien met een vernietigend advies over de Operatie Basisregistratie Personen (BRP). Het onderzoekbureau Gartner achtte voltooiing van het project haalbaar, maar het BIT zag dit anders. Na herhaaldelijke herstart, overschrijdingen en uitloop oordeelde het BIT dat afronding opnieuw langer zou duren, met meer kosten en minder meerwaarde. Tot verbijstering van de Nederlandse Vereniging voor Burgerzaken en leveranciers schrapte minister Plasterk het ontwikkeltraject. Zo kwam een einde aan een politiek beladen modernisering van de bevolkingsadministratie, een operatie die al in 2004 was ingezet.

Daarna volgden nog diverse adviezen waarin het BIT zich tegen vernieuwing van de ICT keerde. Het ministerie van Justitie wilde het Justitieel Documentatie Systeem (JDS) vervangen om de continuïteit te borgen. Het BIT zag echter geen reden voor een vernieuwing van JDS en vond de gekozen aanpak risicovol. Een jaar na aanvang en 2,7 miljoen verder werd het project Vernieuwing JDS geannuleerd. Het RIVM zag dit jaar af van vernieuwing van Praeventis, dat had moeten leiden tot een verbeterde samenwerking tussen artsen, laboratoria en uitvoeringsinstanties bij onderzoek en vaccinatie voor en na de geboorte. Het huidige systeem is weliswaar ontwikkeld op basis van software waarvoor geen support meer bestaat, maar dat zou volgens het BIT geen belemmering mogen vormen om de doelstellingen van het RIVM te behalen. Daarna werd ook de ontwikkeling van een nieuw inspectiesysteem voor de NVWA gestaakt op advies van het BIT nadat daar al 60 miljoen aan was uitgegeven.

In haar jaarverslag waarschuwt het BIT voor onzorgvuldige besluitvorming over vervanging van bestaande systemen: ‘Het BIT ziet in veel gevallen dat IT-investeringsbeslissingen waarbij bestaande systemen worden vervangen te weinig met feiten zijn onderbouwd. Er ontbreekt dan een op feiten gebaseerde en gedegen probleemanalyse. Wij zien dan dat besluiten worden genomen op basis van een grote mate van kleuring in beelden en problemen rondom bestaande systemen. Dit kan leiden tot te weinig gerichte investeringen waardoor projecten onnodig zijn of onnodig groot worden. Vervangen wordt dan een doel op zich.’

Simpelweg vervangen van bestaande ICT-systemen is inderdaad risicovol en geen verstandige optie. Daar staat tegenover dat vrijwel alle overheidsorganisaties kampen met verouderde ICT, oplopende beheerkosten en beperkte wendbaarheid. Dit belemmert de uitvoering van nieuwe wet- en regelgeving. De Belastingdienst vraagt daarom zelfs om een beleidsvakantie waarin de dienst de komende drie jaar wordt gevrijwaard van wijziging van belastingwetgeving. Die tijd zou dan benut kunnen worden om de bestaande ICT te vernieuwen. Dat lijkt rijkelijk laat, want de software voor inning van essentiële belastingen was twintig jaar geleden al volstrekt verouderd. Vrijwaring van wetswijzigingen kan betekenen dat fiscale maatregelen voor de uitvoering van de klimaatplannen op losse schroeven komen te staan.

Om de uitvoering van de kabinetsplannen in goede banen de leiden moeten beleid en ICT hand in hand gaan. Het is niet goed als het beleid wordt ontwikkeld zonder daarin de consequenties voor de uitvoering mee te nemen. Andersom mogen we ook niet accepteren dat de gebrekkige staat van de ICT-infrastructuur van de overheid de invoering van nieuw beleid belemmert. Hoe beter de samenwerking tussen beleid en ICT, des te hoger de prestaties van de veranderprogramma’s. Op basis van goede samenwerking kan de overheid de strijd voor vernieuwing met vertrouwen aangaan en winnend afsluiten.

Portretten kinderen Boissevain

Portretten van de kinderen Boissevain met hun moeder en gouvernante in de jaren 1862–1867. Het album waaruit deze portretten afkomstig zijn, staat op het portret van Daan en Kiek tegen de stoel waar Kiek op zit. De foto’s in versierde omlijsting zijn van neven, nichten en tantes.

Haarlokjes van blonde zijde

Daan en Kiek zijn kinderen van Eduard Constantin Boissevain en Emma Nicholls. Eduard en Emma trouwden in 1840 en kregen behalve Daan en Kiek nog negen kinderen. Het gezin woonde op de Keizersgracht 133, vlak bij de Leliegracht. Daar was het kantoor van de Gebroeders Boissevain, commissionairs in effecten. Van dit gezin zijn veel persoonlijke documenten bewaard gebleven. De inhoud daarvan maakt het tot een van de meest romantische archieven die er zijn. Behalve foto’s zijn er heel veel brieven, van Eduard naar Emma (‘aan mijn engel, die ik liefheb als de appel van mijn oog’), van Emma aan Eduard (‘my dear dear beloved Edward’), brieven van de kinderen aan hun vader, vaccinatiebewijzen, doopbewijzen, kasboekjes, gedichten, en haarlokjes: fijne strengetjes van bleekblonde zijde in envelopjes, waarop de naam van het kind en tijdstip van geboorte.

Vluchtelingen uit Frankrijk

Stamvader Lucas Bouyssavy, een wijnboer uit Bergerac, was hugenoot. Het verhaal wil dat hij in 1687 als verstekeling op een schip en verborgen onder de lading van een hooiwagen uit Frankrijk vluchtte. Aangekomen in Amsterdam moest hij een beroep doen op de diaconie van de Waalse kerk. Stapje voor stapje beklommen de Boissevains in Amsterdam de maatschappelijke en sociale ladder. Ze waren aanvankelijk kooplieden en werkten later in de handelsvaart en assurantie. Door het sluiten van de juiste huwelijken raakten zij gelieerd aan families als Van Eeghen en Van Lennep. Ook in de 20ste eeuw komen we Boissevains in het openbare leven tegen. Jan en Mies Boissevain-van Lennep en hun 3 zoons waren actief in het verzet in 1940-1945. In onze tijd is acteur Daniël Boissevain bekend. Zijn overgrootvader Willem is hier als dertienjarige geportretteerd: zijn hand leunt op een stoel.

Spic en span

De stoffen van de jurken glanzen, de plooien zijn keurig gestreken, de stoelen zijn geschuierd, het is allemaal spic en span. Dat is het werk van de diensboden, de ‘booien’. Vanaf 6 uur in de ochtend waren zij aan het stoffen, strijken, schuieren, poetsen en koken. Ze knipten lampen af, wasten in de tobbe en boenden de keukenvloer met soda. Tot in detail schreef Emma op wat zij van het personeel verlangde. Ook voor de theepauze waren er instructies: “neem je boetzelaar (schort) af, wasch je handen en zet je netjes neder”.

 

Bekijk het album in de Archiefbank van het Stadsarchief van de gemeente Amsterdam

Athanase Adolphe Henri Boissevain: bankier die bedrijven en spoorwegen financierde

Athanase Adolphe Henri Boissevain (1843-1921) is de enige zoon van Daniel Boissevain (1804-1878) en Caroline Louise Mollet (1811-1894). Hij huwt in 1865 met Ottoline Henriette Toe Laer (1844-1921) en krijgt 2 kinderen, Daniël Adolphe Boissevain (1866-1916) en Gerardine Boissevain (1868-1931).

Adolphe Boissevain & Co

Hij  richt in 1875 met een Amerikaanse effectenrelatie de firma Adolphe Boissevain & Co op. Deze firma houd zich vooral bezig met twee activiteiten: de introductie van Amerikaanse effecten op de Amsterdamse beurs en de effectenarbitrage tussen Amsterdam, New York en Londen. Effectenarbitrage maakt gebruik van de verschillen in koers van een aandeel of obligatie tussen de verschillende beurzen.

Ter versterking van de positie richt Adolphe, met zijn Amerikaanse relatie Blake Brothers, in 1888 in Londen de firma Blake, Boissevain & Co op. Tezamen vormen de drie firma’s in de drie financiële centra een sterke combinatie. De belangrijkste assistent van Adolphe in de effectenarbitrage is Jan Lodewijk Pierson Sr. die later als firmant in het bedrijf wordt opgenomen. Enkele jaren na het terugtreden van Adolphe is de naam van de firma gewijzigd in Pierson & Co., een voorloper van de huidige investment bank MeesPierson.

Trans-Atlantisch

De basis daarvoor is gelegd door Adolphe, wiens zaken meer en meer trans-Atlantisch worden. Hij bouwt een grote reputatie op in de VS als financier van bedrijven en spoorwegen. Bekend zijn een aantal spoorwegen, o.a. de trans-Canadian Pacific Railway waarvoor hij het geld voor de financiering van de spoorlijn in Europa ophaalt. Aan deze spoorlijn ligt in de provincie Manitoba het naar hem genoemde stadje Boissevain, dat het familiewapen en -devies voert. Ook in West Virginia ligt een klein plaatsje Boissevain, door de bemoeienissen van Adolphe met de Norfolk & Western Railways.

Europa

De invloed van Adolphe reikte overigens nog verder. Zo is hij in Zwitserland betrokken bij de oprichting in 1897 van één der grootste internationale banken: de Schweizerischer Bankverein, nu UBS, waarvan hij nadien nog achttien jaar commissaris is. Aan deze bank is later zijn Londense firma Blake, Boissevain & Co. verkocht. Adolphe reist uiteraard veel. Hij neemt dan bijvoorbeeld op vrijdagavond de nachtboot van Harwich naar Hoek van Holland, brengt het weekend door op zijn landgoed Prins Hendriksoord in Den Dolder en reist zondagavond per boot terug naar Engeland.