Inpakken en vernieuwen

Op de foto boven het interview in NRC staart Chris Oomen mistroostig voor zich uit. De directeur van zorgverzekeraar DSW is teleurgesteld in de medewerking van overheden bij de ontwikkeling van een nieuwe website die mensen met een persoonsgebonden budget moet helpen om professionele hulp of verzorging in te huren. De website had allang gebruiksklaar kunnen zijn, maar stroperigheid van overheidsinstanties belet dat. Het ministerie, de gemeenten en SVB willen allemaal comfort hebben. Maar niemand heeft het over de mensen waar zij het voor zouden moeten doen, volgens Oomen.

Het relaas van Oomen illustreert hoe lastig het is te opereren in het bestuurlijke krachtenveld van de overheid met verschillende belangen. Het grote aantal organisaties dat invloed wil uitoefenen en het ontbreken van centrale aansturing maken overheidsprojecten nodeloos complex. Die complexiteit kan worden gereduceerd door gezamenlijk doelen te stellen en niet langer te handelen vanuit het eigenbelang. Er is één belang dat alle organisaties bindt en dat is het klantbelang. Het gemak van mensen moet bij digitalisering altijd centraal staan. Zo zouden overheidsklanten bijvoorbeeld online in één oogopslag al hun persoonlijke zaken met de overheid moeten kunnen zien, zonder zich voor elke dienst opnieuw te hoeven aanmelden.

De Nationale ombudsman wijst er terecht op dat de overheid er niet zonder meer van uit mag gaan dat het creëren van een digitale wereld niet hetzelfde is als het 1 op 1 digitaliseren van de papieren wereld. Hij roept BZK op de regierol waar te maken door een digitale faciliteit neer te zetten die aansluit bij de recentste technische mogelijkheden, waar burgers enthousiast van worden en zich graag bij willen aansluiten. Het voornemen in het regeerakkoord om mijnoverheid.nl pushberichten te laten versturen sluit onvoldoende aan bij dat advies. Het is een noodoplossing om de onvolkomenheden van een technisch verouderd overheidsportaal op te lossen. In een modern digitaal portaal  is de ‘reis’ die de klant maakt om van een dienst gebruik te maken leidend. Het dienstverleningsproces moet (blijvend) aansluiten bij de leefwereld van de eindgebruiker. De klant moet een persoonlijke dienstverlening ervaren en de klanttevredenheid wordt in ieder proces gemeten.

De overheid staat voor de uitdaging om een brug te slaan tussen de eigen verkokerde administratieve processen en dienstverleningsprocessen waarbij de gebeurtenissen van de klant centraal staan. Het vereist snelle modernisering van een verouderd IT-landschap. Dit kan worden gerealiseerd door met standaard technologie een brug te slaan tussen de oude transactiesystemen en de klanten die persoonlijke dienstverlening verwachten via meerdere kanalen. Die aanpak wordt ook wel ‘inpakken en vernieuwen’ genoemd. Daarvoor breng je een orchestratielaag aan die alle waardevolle data en business rules uit de systemen inleest en beschikbaar stelt aan nieuw ontworpen klantprocessen. Dit kan snel gebeuren. Je kunt in enkele weken tijd naar een ‘Minimum Lovable Product’ toewerken en daarna stap voor stap in de praktijk optimalisaties realiseren.

De overheid heeft de luxe dat er meestal extra geld gevonden kan worden. Daardoor kan men zich permitteren veel te vergaderen, vooraf alles dicht te timmeren, identieke systemen bij meerdere organisaties te ontwikkelen, maatwerk te bouwen als standaard technologie beschikbaar is en slecht werkende systemen in de lucht te houden. Meer schaarste stimuleert tempo te maken, genoegen te nemen met een bètaversie, creatiever te worden en beter samen te werken. Het draait allemaal om aanpakken en focus, focus op de klant.

King of Mountain Verse Eieren

Menig sporter kent Strava, een programma op je smartphone om van ieder rondje fietsen of rennen een wedstrijd te maken. Tegen jezelf, maar ook tegen elkaar. De Strava oprichters zijn voormalige Harvard roeiers die via het roeien op het idee zijn gekomen dit programma te maken. Zij gingen na hun roeicarrière fietsen maar mistten het teamgevoel en de onderlinge competitie. Door slim gebruik te maken van de IT-ontwikkelingen en het gebruik van GPS is het Strava programma ontwikkeld.

Met de Strava app kun je zien welke routes je hebt afgelegd, en wordt route en snelheid geregistreerd met GPS. Je kunt deze workouts delen en vergelijken met vrienden via Strava. Je kunt ook segmenten aanmaken. Dit zijn afgebakende trajecten waarvan de snelheid wordt gemeten van elke Strava-gebruiker die er langs komt. Die tijden worden vervolgens in een ranglijst getoond van jaar, dag, geslacht, vrienden, leeftijd of gewicht. De snelste fietser of loper is King of Mountain (KOM) of Queen of Mountain (QOM).

Onlangs ontdekten wij dat Strava ook onze onderlinge roeicompetitie zou kunnen bevorderen. Twee tot drie keer per week roeien we voor onze wedstrijdtraining hetzelfde traject op de Vliet van Voorschoten naar de sluis in Leidschendam. Af en toe zoeken we andere ploegen op om op het smalle vaarwater te sparren, elkaar in te halen of voor te blijven. Maar meestal roeien we op het zelfde traject stukken van vast punt op de wal naar een ander herkenningspunt. Tussen de molens, bruggetjes en boerderijen roeien wij onze intervaltrainingen. De vaste punten op de wal hebben vaak achterhaalde namen. Zo is de baileybrug inmiddels vervangen door een ophaalbrug en verkoopt de boerderij al lang geen verse eieren meer.

Onze vertrouwde roei-afstanden op de Vliet maakte ik aan als Strava-roeisegmenten. Die segmenten zie je nadat je Strava met roeien tussen het botenhuis van Rijnland en Leidschendam hebt gebruikt. Per segment zie je de afstand, de tijd en gemiddelde snelheid. Als je het segment selecteert zie de kaart, jouw tijd en record tijd. Daaronder staan diverse klassementen (aller tijden overall en voor vrouwen, dit jaar en voor vrouwen, vandaag, roeiers in jouw netwerk, leeftijd en gewicht). Zie hier het actuele klassement van het segment Sluis Leidschendam tot Roeivereniging Rijnland.

Je kunt jouw resultaat vergelijken met eerdere resultaten in een grafiek en daaronder overzicht van individuele roeiactiviteiten. Vandaaruit kun je verder doorklikken naar de details per datum. Als veteranenroeiers moeten wij hier concurreren met andere verenigingen, zoals met de roeiers van Die Leyte en de studenten van Njord en Asopos. Mijn snelste tijden zijn de trainingen in de 8+. De andere roeiers uit de acht zie je nog niet. Dat zal veranderen als meer roeiers uit mijn ploeg Strava gaan gebruiken. Strava ziet dan automatisch dat je gelijktijdig het traject hebt afgelegd en voegt deze medesporters toe aan jouw gegevens over de sportactiviteit.

Je kunt ook het klassement opvragen van mensen uit jouw netwerk, bijvoorbeeld alleen van leden uit mijn roeivereniging Rijnland. De klassementen op leeftijd en gewicht kun je alleen met een betaalde versie van Strava inzien. Je ziet hier wel jouw positie in de ranking. Het mooie van Strava is dat je niet alleen de hele training meet, maar ook prestaties op specifieke trajecten. Dit kan bijvoorbeeld een stuk zijn waar je regelmatig een interval roeit. Zie als voorbeeld het klassement op het traject tot verse eieren. Queen of Mountain (koploper van het vrouwenklassement) is Alice E. Vooralsnog ga ik aan kop van het overall klassement. Daarom mag ik mij ‘King of Mountain Verse Eieren’ noemen.

Initiatiefnemers: Kees de Bruijn en Jan Willem Boissevain (Roeivereniging Rijnland)

Een ongelukkig avontuur

Hoofdpijn krijgen roeicoaches er van; roeiers die vlak voor een belangrijke wedstrijd geblesseerd uitvallen. Zelden is dat het gevolg van een roeiblessure. Het gaat vrijwel altijd om een ongeluk bij een avontuurlijke sport die roeiers onvoldoende beheersen. Het zijn ongelukkige valpartijen met wielrennen, skiën of schaatsen die uitval veroorzaken. Pas na intensieve revalidatie kunnen de roeiers de training weer hervatten. Met die wetenschap in ons achterhoofd planden wij onze mountainbiketocht in de Sloveense Alpen aansluitend aan onze laatste World Masters roeiwedstrijd in Bled.

De laatste dag van ons verblijf in Slovenië hadden wij geen wedstrijd. Dat was dus een uitgelezen kans om het landschap en de Julische bergen per fiets te verkennen. Wij reserveerden vooraf enkele mountainbikes die direct na aankomst werden geïnspecteerd en goedgekeurd voor ons fietsavontuur. Daarna bestudeerden wij de kaart van de omgeving voor mogelijke fietsroutes. Nadat wij ons blind hadden gestaard op de wirwar van paadjes en hoogtelijnen op de kaart besloten wij op advies van onze gastheer een gids in te huren voor de mooiste fietsroute.

In een voorgesprek met de gids maakten wij onze wensen kenbaar: drie uur fietsen en genieten van landschappelijke schoonheid. Een fysiek zware route was voor ons roeiers geen probleem, maar onze techniek op moeilijk begaanbare paden wel beperkt. Onze gids adviseerde een mooi fietsrondje van 40 kilometer met prachtige vergezichten. Ongeveer vijf uur zouden wij onderweg zijn. Vijf uur? Zo langzaam fietsen wij toch niet? Natuurlijk kon het sneller, maar wij zouden ook regelmatig stoppen en pauzeren voor een lunch. Per slot van rekening moesten wij ook genieten van de tocht.

Direct na de start van onze tocht bewees onze gids zijn waarde. Door wegwerkzaamheden was de weg geblokkeerd en moesten we een alternatieve route nemen. We daalden af naar een rivierdal en moesten daarna vol aan de bak op een steile beklimming. Dat was slechts de warming up voor de beklimming van een berg die wij in de verte al konden zien liggen. Er volgde een korte afdaling. Daarna sloegen we een gravelpad in. Dit gaat lange tijd zo door en het laatste stuk is weer wat steiler, vertelde onze gids. Af en toe stopte hij om uitleg te geven over de omgeving. Wij keken uit over het dal en zagen in de verte het kasteel van Bled. Niet veel later fietsten wij in volle mist. Daarna fietste ieder van ons in een eigen tempo de weg omhoog.

Lange tijd kon je in het kleinste verzet soepel de berg op klimmen. Dat werd gaandeweg steeds moeilijker. Het achterwiel slipte in het grind, het voorwiel kwam regelmatig los van de weg en de bovenbenen begonnen de verzuren. Kleiner schakelen kon niet meer. Daarna volgde het onvermijdelijke afstappen en proberen weer op gang te komen. Dat lukte nauwelijks, want het achterwiel slipte telkens door. Het laatste stuk van de klim moest afwisselend lopend en fietsend worden afgelegd. Op de top moesten we lang op elkaar wachten, maar kregen daar wel onze beloning: een hut met een warme kachel en een voedzame maaltijd.

In de hut bespraken we de onder andere de geopolitieke ontwikkelingen in Slovenië. We maakten een paar groepsfoto’s en daarna was het tijd voor onze tocht huiswaarts. Inmiddels was de bewolking toegenomen met lichte regen. Het voorgespiegelde uitzicht op de berg was in mist opgegaan. Nu moesten we alleen nog van de berg zien af te dalen. Wij kregen instructie over het remmen en het gewicht dat verplaatst moest worden achter het zadel. Voordat ik die techniek in praktijk kon brengen gleed ik uit over de gladde kiezels en verdraaide mijn knie bij het opvangen van mijn val. Ik werd daarna snel weer overeind geholpen, maar zakte direct weer door mijn linker knie. Het was snel duidelijk dat ik niet fietsend verder kon.

Onze gids belde met de hulpdiensten. Kort daarop kwam een 4WD van Mountain Rescue de berg oprijden. Mijn been werd in een opblaasbare spalk geklemd. Ik werd de auto in gedragen. Mijn fiets ging in de achterbak. De auto bracht mij naar een EHBO-post. Daar werden mijn gegevens opgenomen en wachtte een ziekenauto die mij naar het ziekenhuis in Jessenice bracht. Een arts onderzocht de knie en stuurde mij door naar de röntgen afdeling voor het maken van foto’s. Van een fractuur bleek gelukkig geen sprake. De diagnose was een flinke kneuzing die binnen drie maanden zou moeten genezen. Met krukken mocht ik het ziekenhuis verlaten om daarna nog net op tijd aan te sluiten bij het slotdiner van onze roei-equipe.

Twee dagen na het ongeluk kon ik weer voorzichtig zonder krukken lopen. Een week later pakte ik ook mijn fiets- en roeitrainingen weer op. Volgens medisch deskundigen zijn fietsen en roeien gezonde sporten die het herstel van de gekwetste knie kunnen bespoedigen.