Metamorfose

In de herfst kun je vanaf het water genieten van prachtige zonsondergangen. Zodra de zon ondergaat gebeurt er iets magisch met de lucht. Het licht wordt zachter en er komen prachtige pastelkleuren tevoorschijn. De hemel krijgt een warme, gelige tot roodachtige gloed, die prachtig weerkaatst in het water. Het gouden uur waarin het spectrum van kleuren verandert is het mooiste moment voor onze roeitraining in de ongestuurde twee op de Vliet tussen Leiden en Leidschendam.

Roeiers bewegen hun boot in achterwaartse richting. Het zicht is tegengesteld aan de vaarrichting. Je ziet het water snel langs de boot stromen, de kolken passeren bij iedere haal en het landschap trekt voorbij. De lucht verandert geleidelijk met een prachtig spel van zon en wolken. Het is een fascinerend continu veranderend uitzicht op lucht en landschap, die weerspiegelen in het water en op de boot. Vanuit mijn perspectief als roeier maakte ik onderstaande video’s van onze trainingen in de week waarin de tweede corona-lockdown inging.

De meeste trainingen varen we richting Leidschendam. We kunnen dat traject wel dromen met herkenningspunten op de wal, voorzien van de namen Baileybrug, Hoge Bruggetje, Knipmolen (zie foto), Verse Eieren en Huis van Jan. Het samenspel van lucht, water en land verveelt nooit. Dit keer hangen er donkere wolken boven de Vliet. Het landschap oogt als een zwart-wit film. Alleen het rode Y-teken op een oplichtende achtersteven toont kleur. Ter hoogte van het Huis van Jan klaart het op en komt er kleur in het landschap.

Bij aankomst in Leidschendam passeren we houtzaagmolen de Salamander. De molen werd in 1777 gebouwd en is nog altijd vol in bedrijf. We ronden ter hoogte van de Petrus en Paulus kerk. De ondergaande zon omlijst het oude centrum van Leidschendam aan de schutsluis, die het verschil in waterpeil tussen Rijnland en Delfland overbrugt. Op de terugweg naar de roeivereniging gaat de zon langzaam onder. Na de Knip treedt de schemer in.

Twee dagen later varen we richting Leiden. Dit traject van de Vliet is vanwege bebouwing beschut tegen wind, maar je moet altijd op je hoede zijn voor tegenliggers bij de bruggen en voor beroepsvaart. De bruggen vormen referentiepunten, met achtereenvolgens de Blauwe Brug, Lammebrug, Spoorbrug, Julius Ceasarbrug en Wilheminabrug. Na het passeren van de Ceasarbrug zien we de brug opengaan. Dat is een teken dat een vrachtschip ons tegemoet vaart. We ronden bij de Leidse Watertoren. Dit imposante rijksmonument met een skelet van gewapend beton werd in 1908 gebouwd om de Leidse bevolking van water te voorzien. Tegenwoordig wordt de toren gebruikt als woning.

Op de terugweg zien we de Ceasarbrug opnieuw opengaan, maar we wachten vergeefs op een tegemoetkomend schip. De brug lijkt speciaal voor ons te zijn geopend, want de brug sluit weer als we passeren. Bij de Lammebrug wacht de binnenvaarder die ons op de heenweg kruiste op een tegemoet varend ongeladen vrachtschip. Op het smalle water kunnen we de binnenvaarder daarna niet meer inhalen, maar gelukkig slaat die het vaarwater van de Korte Vliet in en kunnen we aanzetten. Voorbij restaurant Allemansgeest treedt plots de duisternis in. De hemel kleurt fel blauw. Straatverlichting weerkaatst op het water en de boot.

Een paar uur na die training gingen de maatregelen van de lockdown in. Ploegroeien is voorlopig niet toegestaan. Roeitrainingen in de boot moeten we inruilen voor workouts op de roeimachine in de kelder. Gelukkig hebben we dan nog de video’s die we tijdens het thuisroeien kunnen afspelen om ons de illusie te geven dat we op de Vliet roeien.

Aanslag op de Vliet

Pleziervaartbootjes die golven trekken, dat is de belangrijkste ergernis van roeiers die op de Leidse Vliet trainen. Door de harde beschoeiing van de kades blijven de hekgolven lang nadeinen. De golven verstoren de balans van de roeiboot. Daarom roeien we bij voorkeur ’s ochtends vroeg of ’s avonds laat als er minder scheepvaart is. Op zomerse avonden wijken we vaak uit naar het vaarwater op de Vlietlandplas of de sloot langs de A4 of richting Stompwijk.

Over het algemeen houdt de pleziervaart zich redelijk aan de regels. De bootjes houden stuurboordwal en minderen vaart voor passerende roeiboten. Zij varen met een snelheid tussen de 6 en 12 km, dus meestal ruim onder de maximum toegestane snelheid van 12 km. Watersporters gedragen zich in de regel netjes en respecteren elkaar. Dat is ook van groot belang, want het wordt steeds drukker op het water. Er is ook weinig toezicht, zeker niet op de snelheid en het trekken van golven. Het aantal snelheidsovertreders neemt helaas snel toe. Zelfs de notoire veelplegers worden nooit gepakt.

Zo komen we regelmatig dronken pleziervaarders tegen die al slingerend veel te hard varen over de smalle Vliet. Ondanks herhaaldelijke verzoeken van coaches langs de kant en roeiers vanuit de boot weigeren ze vaart te minderen. De boot loopt vol op de hekgolven en de roeitraining is verpest. Als roeier sta je machteloos tegen de overtreders. Je bent meestal te laat met het verzamelen van bewijsmateriaal, het maken van een foto of filmpje en het noteren van het registratienummer.

Deze week overleefden wij een gerichte aanslag. Op een regenachtige woensdagavond roeien we in de twee zonder stuurman naar Leidschendam. Bij de sluis ligt een speedboot aangemeerd waar drie mannen onder luid dronkemans gelal aan boord gaan. Ze schreeuwen iets naar ons over dat ze er aan komen. Ik maak snel een foto voor mogelijk later bewijsmateriaal. Daarna maken we in stevige haal een start met de terugtocht richting de roeivereniging. Uiteraard willen we de boot ruim voorblijven om niet de hele terugweg in de golven te hoeven varen.

Vliethufters

In trainingshaal varen we gemiddeld 13-14 km. per uur, ruim harder dan de pleziervaart. We zien de speedboot wegvaren in onze richting en verhogen de haalkracht. Aanvankelijk weten we de boot goed achter ons te houden. Dan geeft de boot vol gas en vaart recht op ons af. Met hoge snelheid worden wij van dichtbij voorbij gevaren. Ik moet mijn riem intrekken om de schroef te ontwijken. Een metershoge golf spoelt over ons heen, waarna onze boot zinkt. Daarna bereikt de golf ook de plezierboten die langs de kade zijn afgemeerd. De boten gaan flink tekeer in de golven. De boten protesteren fel met harde toetersignalen.

Wij weten met onze boot een steiger in de haven te bereiken. Daar keren we de boot om zoveel mogelijk water uit de boot te laten lopen. De mensen van de boten langs de kant zeggen de speedboot niet te kennen. Zij vinden het een criminele actie en adviseren in het aangrenzende café te informeren naar de identiteit van de dronkenlui. Spontaan krijgen we ook hulp aangeboden, een handdoek om ons af te drogen. Even later komt een dubbelvier aangeroeid. Zij hebben ook veel water binnengekregen door de hekgolf. Stijf van de adrenaline roeien we terug naar de vereniging. De coach van de dubbelvier fietst met ons mee voor het geval de speedboot keert en onze boot weer tot zinken brengt. Uiteindelijk landen een klein half uur later weer op de steiger van Roeivereniging Rijnland. De coach van een acht, die bij de Knipbrug wordt gehinderd door de golventrekkende speedboot, noteert het registratienummer 59-34-YE.

‘Opzettelijk tot zinken brengen van een roeiboot’ dat had ik nooit voor mogelijk gehouden. De komende tijd zullen wij ons minder veilig voelen op de Vliet. Ik bel de meldlijn van de politie met de vraag of het zin heeft om aangifte te doen. Dat moet ik absoluut doen – krijg ik te horen – en er wordt meteen een afspraak gemaakt. Eenmaal op het politiekantoor weigert de politie mijn aangifte op te nemen. Er zou daarvoor strafrechtelijke geen basis zijn. De ‘Vliethufters’ gaan vooralsnog vrijuit.