Achterdeurtje is ongewenst

2016-02-20_184851000_F43BD_iOS

“Een bot is een programmaatje dat doet alsof het een mens is. Een softwarerobotje, een volautomatische opdracht die zelfstandig wordt uitgevoerd, die een netwerk kan afzoeken en informatie kan vergaren. Bots zijn overal, nemen langzaam het internet over, zoekmachines draaien op bots die overal informatie uit websites halen en bijeen brengen.”

Dit is geen tekst van Wikipedia, maar een passage uit de thriller ‘Bot’ van Charles den Tex. Bots worden veel toegepast in computerspellen om tegenspelers en medespelers toe te voegen aan het spel. Zoekmachines zoals Google en Bing gebruiken bots om webpagina’s te selecteren. Deze bots worden spiders genoemd en zoeken het web af. Zij analyseren, selecteren en tonen relevante webpagina’s. Chatbots, zoals Apple’s virtuele assistent Siri, worden ontwikkeld om op een menselijke manier te kunnen communiceren. Zo heeft Terre des Hommes het virtuele meisje Sweetie ontwikkeld om daders van webcamseks met kinderen te ontmaskeren. De bot in het boek van Den Tex heeft minder goede bedoelingen. De software moet diep binnendringen in de systemen van klanten om met de verkregen informatie klanten onlosmakelijk te binden.

Zakenman Willem Hartema laat een informatiesysteem bouwen om het maximale uit zijn klanten te halen. Het is geen systeem dat legaal in de markt verkrijgbaar is. Bas Pantier, een hyperintelligente computernerd, ontwikkelt de software exclusief voor de zakenman. Bas maakt deel uit van een groepje nerds die code schrijft en versleutelingen maakt. Zij opereren anoniem in de onderwereld van het internet. Via het netwerk tor (The Onion Router) kunnen zij online anoniem blijven en opereren in de spelonken van het internet die voor Google en browsers verborgen blijven. Hoewel Bas de grenzen van het ethisch toelaatbare overschrijdt, roept juist hij de sympathie op in de thriller van Den Tex.

Het avontuur van Bas Pantier is weliswaar fictie, maar bepaald niet onrealistisch afgaande op getuigenissen over de digitale onderwereld. Onderzoeker Jamie Bartlett dook zelf onder in het Dark Net en schreef daarover in zijn gelijknamige boek. Hij kocht drugs op het Dark Net en sprak met activisten, liefhebbers van kinderporno en computernerds. Hij maakt duidelijk waarom het anonieme Dark Net aantrekkelijk is voor wapen- en drugshandelaars en verspreiders van kinderporno. Hij laat de duistere kant van het Dark Net zien. Hij benadrukt ook de creatieve kant, zoals de toepassing voor bitcoins.  “Het Dark Net kweekt een adembenemende creativiteit. Het merendeel van de sites die ik heb bezocht was verbazingwekkend adaptief en innovatief”, schrijft Bartlett.

Niemand, behalve zakenman Willem Hartema, kan het informatiesysteem activeren. Nadat Willem dood wordt gevonden ontstaat een gevecht om de controle over het systeem. Ontwikkelaar Bas Pantier heeft geen toegang meer, want hij heeft geen achterdeurtje in het systeem gebouwd. Dit doet ons denken aan het conflict tussen Apple en de Amerikaanse overheid over het kraken van telefoons van terroristen. Als ontwikkelaars een achterdeurtje inbouwen kunnen veiligheidsdiensten de toegang opeisen en zullen ook criminelen en sjoemelende bedrijven jacht maken op toegang tot onze systemen. Een achterdeurtje op ons mobiel is daarom ongewenst.

Eerste Hulp bij Internetongelukken

9866778 (1)

‘Het leven is maar één muisklik verwijderd van een nachtmerrie’ is de boodschap van CEL, het boek van Charles den Tex. Het is het gevolg van onze afhankelijkheid van bureaucratische systemen, die niet altijd goed beveiligd zijn. Administratiehouders van de persoonsgegevens behartigen onvoldoende de belangen van klanten. Dat geldt ook voor de overheid. Volgens het radioprogramma Argos gaan de meeste gemeenten onzorgvuldig om met de beveiliging van het Suwinet waarmee ze inzage hebben in persoonsgegevens van hun inwoners. Fouten en misbruik liggen dan op de loer.

Vergissingen met persoonsgegevens kunnen nare gevolgen hebben. Dat heeft een zakenman ervaren. Hij kreeg een dagvaarding voor openbare dronkenschap en wildplassen. De zakenman verbleef in het buitenland en zijn vrouw had de dagvaarding in ontvangst genomen. Zij vroeg zich af of haar man wel in het buitenland was geweest. Bij terugkeer had hij thuis veel uit te leggen. Voor de rechter heeft de zakenman met vliegtickets en hotelboekingen moeten aantonen dat hij in het buitenland verbleef. De zaak werd ingetrokken en achteraf bleek dat een naamgenoot in hetzelfde dorp de overtredingen had begaan. Uiteindelijk bleef deze zaak zonder grote gevolgen. Dat is meestal anders als er sprake is van diefstal van de identiteit.

Diefstal van een nieuw aangevraagde identiteitskaart uit een postcontainer bracht een man in grote problemen. De gemeente vroeg snel een nieuwe identiteitskaart aan, maar stelde de aanvrager van de kaart daarvan niet op de hoogte. De dief schreef op zijn naam een bedrijf in bij de Kamer van Koophandel, dat vervolgens schulden maakte. De BKR in Tiel registreerde deze schulden op zijn naam en er kwamen verschillende deurwaarders langs. Het slachtoffer zocht hulp voor zijn problemen en richtte zich tot het Ministerie van BZK, zijn gemeente, de Kamer van Koophandel, de politie en TNT-post. Deze namen geen van allen verantwoordelijkheid en verwezen het slachtoffer van het kastje naar de muur. De ombudsman heeft de zaak onderzocht en geconstateerd dat het slachtoffer niet goed is geholpen. Uiteindelijk zou hij er maar het beste aan doen een nieuwe identiteit aan te nemen.

In de moderne internetwereld is het mogelijk geworden dat criminelen iemands identiteit stelen. Met die identiteit kunnen zij misdaden begaan. De verdenking komt dan te liggen bij diegene waarvan de identiteit is geroofd. Het slachtoffer van identiteitsfraude wordt dan in Kafkaiaanse taferelen gezogen. Hij wordt ergens van beschuldigd en weet niet wat de dief met zijn identiteit heeft uitgespookt. Hem wacht een slopende weg langs diverse instanties om uit te leggen dat er sprake is van fraude. Klachten en aangiftes worden niet altijd serieus genomen en de bewijslast ligt altijd bij het slachtoffer. Kafka schetste dit ondoorgrondelijke rechtssysteem reeds in zijn boek Het Proces waarin hij laat zien hoe bureaucratie het leven van burgers kan ruïneren.

Het leven is niet zonder risico’s. Als je met de auto de snelweg opgaat kun je een ongeluk krijgen. Zwem je in zee dan kun je worden meegezogen door de stroom. Gelukkig staan er dan hulptroepen paraat. De ambulance voert verkeersslachtoffers naar het ziekenhuis. Drenkelingen worden door de reddingsbrigade uit het water gevist. Wie redt de slachtoffers op de digitale snelweg? Internetslachtoffers kunnen zich melden bij het Centraal Meldpunt Identiteitsfraude, maar moeten het daarna zelf uitzoeken. Een Eerste Hulp bij Internetongelukken zou er hoognodig moeten komen.